Wij zijn toch allemaal vakkenvuller

Wij zijn toch allemaal vakkenvuller

Als je even terug mag kijken naar het verleden van iemand en zeker naar dat van jezelf, dan zal het opvallen, dat wij leven in een  stramien van vakjes. Zonder dat wij daarom hebben gevraagd, maar de maatschappij, of onze leefomgeving, heeft ervoor gezorgd, dat ons doen en laten in vakjes wordt verdeeld. Zo wordt bepaald, dat je vanaf je 4e levensjaar naar school moet en  nadat je de basisschool hebt verlaten, word je losgelaten in de wereld die toekomst heet.

Vanaf je 18e, uitzonderingen bevestigen de regel, kun je het rijbewijs halen en op je 18e ben je volwassen. “Je mag dan de baas in huis zijn”, zei mijn vader niet zonder enige trots, maar hij liet erop volgen, “als je alleen thuis bent”. Vanaf je 21e word je geacht geheel onafhankelijk te zijn en jezelf te kunnen redden. Op 21e jaar start de pensioenopbouw en als je 65 jaar bent, krijg je het toegezegde AOW en het opgebouwde pensioen, dat beide geruime tijd later betaalbaar wordt gesteld.

Het is allemaal zo mooi theoretisch geregeld. De praktijk en theorie zijn nauw met elkaar verbonden, maar deze elementen zijn zeer zeker niet op elkaar afgestemd. Wat is toegezegd, zal niet altijd per direct worden uitgevoerd, want…….en dan volgt er een uitleg, die je oren doen wapperen en je eigen dosis ongeloof doet toenemen.

Stel dat je nu de opgeschreven fase als bovenstaand hebt doorlopen. Je ben de oh zo belangrijke fase voorbij, dat je niet meer dagelijks aan het arbeidsproces  hoeft deel te nemen. Je bent gepensioneerd. Vroeger zei men eerbiedig: “hij trekt van Drees”. Drees genoot een populariteit die de partijpolitieke grenzen overschreed en kreeg de bijnaam Vadertje Drees. Als minister van Sociale Zaken legde hij al in 1947 met de Noodwet Ouderdomsvoorziening de grondslag van sociale wetgevingen. Vandaar ook de uitdrukking: “hij trekt van Drees” (waarmee wordt bedoeld dat iemand ouderdomspensioen ontvangt, onze huidige aow)

Op een bepaalde fase in je leven rond je 65e richting 67e levensjaar word je, om het hard te kunnen bloggen, afgevoerd uit het arbeidsproces. Voor de één gebeurt dat men veel tam tam en trompetgeschal en voor de ander, waarbij de werkgever minder op heeft met muziek, met stille trom. Zo ken ik een verhaal van een buschauffeur die na jaren trouwe dienst, op de laatste werkdag de bus in de garage parkeerde en er achter kwam, dat zijn werkgever zijn laatste werkdag en het afscheid van de chauffeur was vergeten. Je durft je dan bijna niet af te vragen waar heeft die goede man zich, voorafgaand aan zijn pensionering, dan nog druk voor heeft gemaakt. Je mag het bijna onvoorstelbaar noemen, dat dergelijke gebeurtenissen in onze huidige maatschappij nog geschiedenis kunnen schrijven.

Het vreemde van ons mensen is, dat er eerst iets moet gebeuren of zachter uitgedrukt, plaatsvinden, waardoor je gaat nadenken. Je gaat om in termen van deze tijd te blijven, je geheugen even resetten. Je gaat je realiseren, dat niemand in feite is  uitgerangeerd en dat niemand buiten het arbeidsproces geen functie meer heeft. Ik blijf bij mijn standpunt, dat elk mens regisseur is over zijn of haar eigen leven. Er zijn zoveel kansen en mogelijkheden om na je einde dienstverband nieuwe dingen te gaan, kunnen en mogen doen. Iedereen heeft er de mond vol van, dat een ‘oldtimer’ van ons arbeidsproces niet kansloos is. Alleen, dan moet je niet de betreffende buschauffeur zijn, die het bovenstaande heeft meegemaakt. Je hebt dan even geen zin meer in vakjes. Wat doet deze maatschappij die theoretisch alles voor iedereen over heeft? Dezelfde maatschappij zet een systeem op met allemaal vakjes. Als je toevallig niet in zo’n vakje past, dan val je er buiten en heeft men je niet meer nodig. Om nu niet direct te zeggen wij discrimineren de ‘afgedankte zielen van het arbeidsproces’, qua leeftijd enz., nee, daar kijkt men wel voor uit. Discrimineren is strafbaar. Nee de nieuwe managers betitelen het nieuwe toelatingssysteem: “er worden momenteel andere eisen en voorwaarden gesteld en gezien de omstandigheden van u, liggen onze normen anders”.

Ik heb ooit eens op latere leeftijd voor de fun gesolliciteerd bij het hoofdkantoor van het deurwaardersconcern waar ik, als freelancer, voor werkte. Kijken hoe zo’n sollicitatie zou verlopen. Ik werd afgewezen met de smoes, dat ik geen kennis van de werkzaamheden had. Dit terwijl ik door een filiaal was gevraagd om voor hen te gaan werken. Toen ik dat kenbaar maakte bij de directeur van het filiaal, dat ik door het hoofdkantoor was afgewezen en ik dat zag als leeftijdsdiscriminatie, zag de goede man wel iets in mijn gedachtengang. Met een: “ Klaas zo gaat dat nu eenmaal. Wij gaan wel een keer weer samen koffiedrinken.” Ach, wij zijn toch allemaal in- of opvulling van de verschillende vakjes.

3 gedachten over “Wij zijn toch allemaal vakkenvuller

  1. Zo kun je meerdere carrières in je leven hebben!
    Mijn huidige kan ik alleen maar doen omdat ik een redelijk pensioen heb en een eenvoudige levensstijl leid. Ik voel er geweldig bij, de lichamelijke ongemakken zorgen ervoor dat ik geregeld de activiteiten moet aanpassen

  2. Het is weer heerlijk verwoord
    Hoop dat er keer blog komt, waar ik wat tegengas kan geven

Reageren is niet mogelijk.

Reageren is niet mogelijk.